Liefde is: bek dicht

29 september, 2013 (11:17) | Simone van Saarloos

‘love, in distinction from friendship, is killed, or rather extinguished, the moment it is displayed in public. (“Never seek to tell thy love / Love that never told can be.”)’

Over romantische liefde moet je privé zijn, stelt Hannah Arendt in The Human Condition. Ik volg haar graag, maar woensdag aanstaande praten Jan Drost en Mark Mieras met Colet van der Ven over de liefde in een Wat is wijsheid? (zwijgen dus) programma in debatcentrum De Nieuwe Liefde. Ik houd die avond een column, vandaar dat ik nu mijn kruit nog niet verschiet en met andermans moeite volsta. Vergeef mij dit bijeengeplakte blog: 

Ik lees veel moois in Waarom ben je niet bij mij? een verzameling Nederlandse liefdespoëzie, samengesteld door Arie Boomsma en afgelopen week verschenen bij uitgeverij Prometheus. Prettige bekenden als Komrij, Campert  en Vroman, maar ook veel recent werk. Zoals ‘Afstudeerproject’  van Mustafa Stitou (al is wat naar Paul Celans ‘Dodenfuge’ verwijst voor mij algauw goed, je asgrauwe haar Sulamith) of het titelloze gedicht van Miguel Declerq waarin alles vloeit en uitzwermt: ‘Een hoezenpoes, niet minder echt en even efemeer,/ ligt zij, etherisch, uit te vloeien op het beddengoed.’ 

Er is zoveel meer te citeren, maar voor treffende eenvoud hier het gedicht van Marjolijn van Heemstra:

 

als je wilt bak ik een ei
leg ik je uit hoe mijn
familiegeschiedenis
in elkaar steekt

ik kan je verzekeren dat
wat gebeurd is hier
tussen vier muren blijft
ik kan koffiezetten

melk warm maken
tv aandoen
verzinnen dat het regent
je jas nog nat is

sokken voor je pakken
mijn tanden poetsen
waar jij bij bent

ik kan
het raam openzetten
je de vogel laten horen
die al weken haar nest
kwijt is en gilt

 

Wie ik wel mis in de bundel, is Lieke Marsman. Niet omdat ze toevallig bij Tirade hoort en de redactievergaderingen er gezelliger op worden. Maar omdat ze me met elk gedicht opnieuw verrast, en raakt. Vooral dat. Sommigen zien in elke vorm van lof reclame of belangenvertegenwoordiging. Gelukkig kun je van poëzie en vriendschap niet eten. Alleen leven.

Afgelopen vrijdag nog op haar blog (deze van een tijdje geleden is ook mooi, btw):

 

Wiegeliedje voor wie alles moet

Je kunt het beste alles wat je moet
van jezelf in je armen houden
en fijn knijpen
zodat je enerzijds iets hebt om vast te houden
en er tegelijkertijd ruimte komt
voor kleinere activiteiten:
de sapcentrifuge aanzetten
een vergiet pakken
de gasslang laten repareren
kijken of er post is, waarschijnlijk
heb je een brief gekregen
met goed nieuws er in, iemand
wil je geld geven en jij hebt al ja gezegd
en je blijft ja zeggen
tegen kersen in een bakje leggen voor de gasten
tegen zin hebben in het euro visie songfestival
tegen iedere week een cryptogram oplossen
met je moeder

oh, je kunt wel bang worden van een
verkeerd geplaatste letter of een
film met onheilspellende afloop
maar oh, word maar niet bang van een
zich opnieuw aankondigende ochtend
die je mogelijk onbeantwoord lief laat hebben
want dat is geen duidelijk aanwijsbare reden
die ik overigens voor je weg wil nemen

oh, je kunt wel bang worden van een 
te laat betaalde rekening
maar oh, word maar niet bang van een 
te vroeg uitgesproken verliefdheid
kom, dan gaan we gezellig
in een klein karretje door een graslandschap rijden
en onderaan de heuvel druivensap drinken

het moeilijke aan ouder worden is niet
dat je steeds verdrietiger wordt
maar dat je steeds meer woorden krijgt
om je verdriet te beschrijven
en als je het kunt, moet je het doen
dat is waar
maar ik heb hier een fleecedekentje neergelegd
en ik leid je er hand in hand naar toe
en het is hier warm
en je bent hier veilig
oh

 

Zij die langere troost nodig hebben dan een gedicht (zij die in elk einde het eigen weerspiegeld zien en iets nodig hebben dat niet zo snel bij de laatste regel belandt), verwijs ik door naar deze blog van essayiste Katie Roiphe: ‘The Best Breakup Books’.

De foto boven Roiphe’s stuk is nogal slecht in scène gezet, maar bevat tegelijkertijd het bewijs dat de uitdrukking van onze liefde veelal een openbare aangelegenheid is – een herkenbare act. Dacht Arendt dat er zoiets was als authentieke liefde of wilde ze slechts misbruik onder het mom van liefde voorkomen? Ik vermoed het laatste: ‘Because of its inherent wordlessness, love can only become false and perverted when it is used for political purposes such as the change or salvation of the world.’

Hoe een authentieke liefdesverhouding er in volledige intimiteit uitziet komen we natuurlijk nooit zeker te weten: de beleving van de ander is zonder expressie niet te bewijzen.

Nog één tip (omdat ik mijn luie blog en het gebrek aan eigen woorden wil overschreeuwen met veel). Ik lees nu in het vijfhonderd pagina’s tellende Antifragiel. Dingen die baat hebben bij wanorde van filosoof Nassim Nicholas Taleb. Het boek bevat hoofdstukken en ondertitels als ‘Hak alsjeblieft mijn hoofd af’, ‘De tijdbom genaamd stabiliteit’ en ‘Emotionele robuustificering in het stoïcisme’.

Of de meest geruststellende: ‘Wat mij niet doodt, doodt anderen’.

Onder het mom ‘wat ik niet zeg, zeggen anderen’, spreek ik me woensdag onverschrokken publiek over de liefde uit.

 

8549253_640

Reageer >