Marc Poorter: De weemoed van Modiano

17 oktober, 2014 (10:29) | Gast

Het was begin jaren tachtig. Ik was een jaar of vijftien en lid van een boekenclub. Omdat ik een keer geen bestelling deed, kreeg ik de kwartaalkeuze van de club toegestuurd. Zo’n boek mocht je niet terugsturen, het werd je letterlijk de strot ingeduwd. Op de cover van de kwartaalkeuze prijkte een tekening van een man met een lange schaduw die door een mistige straat keek, daaronder de titel: De straat van de donkere winkels. De auteur was de mij toen onbekende schrijver Patrick Modiano.

Met tegenzin begon ik het op een avond te lezen, ik had er nu eenmaal voor betaald. Na een paar hoofdstukken raakte ik in de ban van het verhaal over een man die aan geheugenverlies leed. De man ging op zoek naar zijn verleden en ontmoette mensen met wie hij ooit contact had in nachtclubs in Parijs, waar hij ontdekte dat zij hem al bijna vergeten waren. Een enkeling herkende hem vaag, de meesten schudden onverschillig hun schouders. De hoofdpersoon bleek een figurant te zijn in de levens van mensen die in de jaren vijftig in het Parijse nachtleven rondhingen.

In één nacht las ik het boek uit. Ik herinner mij dat het gesneeuwd had en ik de volgende morgen in de schemer langs de donkere flatgebouwen in mijn wijk liep. Er bekroop mij een onbekend gevoel, iets wat ik nog niet eerder had meegemaakt in mijn leven. Jaren later begreep ik wat het was: weemoed.

Het was niet eens zo’n bijzondere roman. Er worden vele boeken geschreven over mensen die op zoek gaan naar hun verleden, en de sporen van gebeurtenissen uit hun jeugd proberen te achterhalen. Modiano gebruikte de zoektocht van de hoofdpersoon echter als decor van het thema dat later zijn handelsmerk zou worden: het verstrijken van de tijd en het verloren gaan van de herinnering aan mensen met wie wij ooit contact hadden. Die ochtend na het lezen van de roman werd ik mij er plotseling van bewust dat het verstrijken van tijd verdrietig maakt. Ik weet nog dat ik op de hoek van een straat stond, naast een telefooncel met een dikke laag sneeuw erop. Oké, krakende sneeuw onder je voeten, ochtendschemer, donkere huizen, stilte, het waren de omstandigheden die hielpen om dit euforische gevoel te versterken, maar toch, de volgende morgen zou het op die plek anders zijn. De regen spoelde de sneeuw weg en met de sneeuw verdween het magische moment voor eeuwig. Soms, als ik in de buurt van mijn ouderlijk huis ben, ga ik op die plek staan. De telefooncel is weg, de huizen zijn nog net als toen. Als ik mijn ogen sluit ben ik weer even de jongen die ik toen was, die zich dankzij Modiano bewust werd van het voorbijgaan van alle dingen.

Weemoed werd mijn tweede natuur, ook al leverde het mij niet meer op dan het leiden van een intens leven, waarin iedere minuut ertoe deed. Ik beleefde mijn momenten in de sfeer van afscheid. Bij mijn ouders thuis, als er op zondagmiddag visite was, mijn vader een vrolijke dronk had en mijn moeder uit een glaasje advocaat met slagroom lepelde, lette ik op de salontafel waar de bakjes met chips lagen. Met de visite verdwenen de dingen van de tafel,  met het kantelen van de zondagavond naar de werkweek, de vrolijke stemming in huis. Op elke maandagmorgen, onder het kale licht van de plafondlamp, zag ik de salontafel die de vrolijkheid van de dag ervoor symboliseerde, en ik treurde om wat voorbij was.

Terug naar Modiano. Ik heb veel aan hem te danken, ook al raakte ik mijn interesse in de loop der jaren langzaam kwijt. Andere schrijvers riepen om aandacht en de romans van Modiano leken soms een herhaling van zijn obsessie voor de duistere figuren die niets anders deden dan ronddwalen door het nachtelijk Parijs. Pas met de roman Dora Bruder was mijn liefde voor Modiano weer helemaal terug. Een verhaal over één slachtoffer van de Jodenvervolging, waarin de schrijver met slechts één enkele aanwijzing over het bestaan van de hoofdpersoon op zoek gaat naar haar identiteit. Door iets eenvoudigs te nemen – een opsporingsbericht in een oude krant over een meisje dat van huis is weggelopen – benoemt Modiano iets groots. Het is een universele techniek in de literatuur: iets verkleinen waardoor het groot wordt. De onbeduidende Dora staat symbool voor alle anonieme levens die in de oorlog genomen zijn. Aan het eind van de roman, als Modiano bij gebrek aan feiten niet weet hoe het Dora is vergaan, schrijft hij:

“Ik zal nooit weten hoe ze haar dagen doorbracht, waar ze zich verborgen hield en in wiens gezelschap ze zich bevond, die winter toen ze de eerste keer was weggelopen en de enkele weken in het voorjaar toen ze opnieuw was ontsnapt. Dat is haar geheim. Een armzalig en kostbaar geheim dat de beulen, de verordeningen, de zogenaamde bezettingsautoriteiten, het huis van bewaring, de kazernes, de kampen, de Geschiedenis, de tijd – alles wat ons bezoedelt en vernietigd – haar nooit meer zullen kunnen ontfutselen.”

Dit is Modiano. Hij schuwt het theatrale niet, maar het hindert geen moment, in de compositie van zijn roman is het een prachtige finale.

Op een website bekeek ik live de bekendmaking van de Nobelprijs voor de literatuur. Ik kon het Zweeds niet volgen, maar ik ving zijn naam op. Daarna las de man het in het Engels voor, en weer die naam. Ik kreeg er koude rillingen van. In de uren daarna merkte ik dat velen nog nooit van hem gehoord hadden. Dat zal nu vast gaan veranderen, er zullen duizenden herdrukken van zijn romans verkocht worden.

En de schrijver zelf? Ik hoorde een telefoongesprek waarin een journalist hem vroeg waar hij was toen hij het nieuws hoorde. ‘Ik wandelde door Parijs,’ was zijn antwoord. Een stotterende, verlegen man die maar één uur per dag schijnt te schrijven, meer kan hij niet opbrengen. Het is voor hem zwaar om grote gedachten om te zetten in taal, zei hij een keer. Ik ben het daar helemaal mee eens.

—-

Marc Poorter debuteerde in 2013 met de roman De waarheid en het koninkrijk (Prometheus). De roman ontving lovende recensies en kreeg veel aandacht in de media. Naast het geven van schrijfcursussen werkt Poorter op dit moment aan zijn tweede roman, die in het voorjaar van 2015 verschijnt.

Reageer >