Fouten maken

3 oktober, 2018 (08:38) | Gilles van der Loo

71853d62-985b-4896-859e-da4c79e35f66Aan mijn fouten til ik zwaar. Er hoeft weinig te gebeuren of ik lig een nacht wakker.

Functioneel lijkt dat aan de oppervlakte niet; je zou kunnen zeggen dat een slechte nacht een kans op fouten zelfs vergroot. Hoe fijn zou het zijn om een fout te registreren, er mijn conclusies uit te trekken en dan met die bagage, fris, aan een nieuwe dag te beginnen.

Als eerste is er altijd de behoefte de gemaakte fout terug te draaien, te wensen dat ik hem niet had gemaakt. De fout wordt door mij als on-eigen ervaren, iets wat niet bij me hoort en waarvan ik afstand wil doen.

Dit lukt niet omdat ik mijn fout steeds herbeleef, bedenkend op hoeveel manieren hij ook niet had hoeven gebeuren. Aan het einde van de nacht zit ik dan vooral met machteloosheid. Gedane zaken enzovoort.

Stap twee is dat ik in kaart breng hoeveel van de fout mijn schuld was en daar – waar mogelijk publiekelijk – verantwoordelijkheid voor neem. Dit lijkt de ergste angel eruit te halen, en brengt al iets meer rust met zich mee. Hoe ik me daarna óók voel: verkleind, kwetsbaar, vreemd genoeg ook dankbaar.

Wat er misgaat is doorgaans het gevolg van haast. Een ander mens zou besluiten alles langzamer te doen, maar zo werkt het bij mij niet.

‘Shine a light on the darkness and it will go away,’ zei Beth Hart in een interview met mijn vriend Arjan. Kijk naar deze uitvoering van I Leave the Light on en lees dan verder.

Misschien zijn mijn fouten eigener dan ik dacht; bedoelen ze het goed met me en proberen ze me iets te vertellen.

Zoals in alle donkere dromen verdwijnt de dreiging wanneer je hem omhelst. Die boeman in je nachtmerries is een deel van jezelf dat toegang tot je bewustzijn zoekt.

‘Gil,’ lijkt mijn fout te zeggen, ‘hier is een kans om te houden van een persoon die soms dingen verprutst. Een foutloos mens is geen geloofwaardig personage.’

‘Ik hoor er óók bij,’ zegt mijn fout. ‘Let me in.’

Gisteren overleed mijn vriend Rudie. Ik had nog één keer langs moeten gaan. Meer moeten doen. Er leek nog tijd te zijn tot die er, opeens, niet meer was.

_____________________________________________________________

Optie 8Gilles van der Loo (Breda, 1973) is schrijver en recensent. Hij was jarenlang redacteur van Tirade en zijn fictie verscheen online en in diverse bladen. Bij Van Oorschot publiceerde hij de verhalenbundel Hier sneeuwt het nooit en de romans Het laatste kind en Het jasje van Luis Martín.

Reageer >